Doorgaan naar hoofdcontent

Meditatie: Muziekavond Jacobus Fruytier 'Verspreiding van het Woord'

Geachte aanwezigen, beste leerlingen,

Vanavond denken wij met elkaar na over de verspreiding van het Woord. Ook aan mij is gevraagd om hier kort wat over te zeggen. Ik wil dit doen door twee lijnen te schetsen. Een horizontale en een verticale lijn. Met de horizontale lijn bedoel ik het wonder van de verspreiding van het Woord over de wereld. Met de verticale lijn bedoel ik het wonder wat het Woord in uw, jouw en mijn leven kan uitwerken. Deze twee lijnen kruisen elkaar. Deze lijnen wijzen ook heen naar hét Kruis. 

Want als wij het vanavond hebben over de verspreiding van het Woord, dan hebben we het niet alleen over het geschreven Woord, de Bijbel, maar vooral over het vleesgeworden Woord, de Heere Jezus Christus (Joh. 1:1). De Heere Jezus Die wilde komen naar deze aarde, om te lijden en te sterven, om zo de toorn van God over de zonde te stillen. Hij onderging het kruis en Hij ging onder aan het kruis. Maar hier is het niet bij gebleven! De dood kon Hem niet houden, want op de kruisheuvel Golgotha is de dood en de hel overwonnen. Op de vroege paasmorgen stond Christus daarom op. Vijftig dagen later stortte de Heere Jezus vanuit de hemel de Heilige Geest uit, zoals Hij had beloofd (Joh. 14:26). Deze Geest heeft de discipelen getroost en bemoedigd en hen alle woorden van Christus indachtig gemaakt. Zo ook het zendingsbevel van Christus: ‘Gaat dan henen, onderwijst al de volken, dezelve dopende in den Naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles, wat Ik u geboden heb’ (Mat. 28:19).

De discipelen hebben zich, door Gods kracht, aan deze opdracht gehouden. Hoe ik dat weet? Kijkt u vanavond maar om u heen. Wij zijn hier bijeen in deze prachtige kerk en mogen samen nadenken over de verspreiding van het Woord. Het feit dat wij hier vanavond bijeen zijn is een bewijs dat het Woord is verspreid! Het Woord is vanuit Jeruzalem naar Nederland gekomen (Luk. 24:47). Wij mogen Wycliffe Bijbelvertalers steunen in het verspreiden van het Woord, wij sturen zendelingen erop uit, maar laten we niet vergeten dat wij zelf ook in zendingsgebied leven! Het Woord van God is van noord tot zuid en van oost naar west verspreid door de kracht van de Heilige Geest. Dat is de horizontale lijn. Wat een wonder!

Tot slot de verticale lijn. Het Woord werkt in mensenharten altijd uit wat God wil. Ook dat heeft de Heere beloofd: ‘Alzo zal Mijn woord, dat uit Mijn mond uitgaat, ook zijn, het zal niet ledig tot Mij wederkeren; maar het zal doen, hetgeen Mij behaagt, en het zal voorspoedig zijn in hetgeen, waartoe Ik het zende’ (Jes. 55:11). God de Vader gaat door met het verheerlijken van Zijn Zoon. Daarom heeft Hij ons de Bijbel gegeven. Wat een voorrecht!

Wat zouden we zonder dit Woord moeten? Wat zouden we moeten als we geen Bijbel hadden die ons vertelt dat er een kruis heeft gestaan op Golgotha en dat Christus’ hart nog klopt en Zijn bloed nog warm is om de grootste der zondaren te redden van de dood? Daarvoor heeft de Heere het Woord gegeven, opdat jongeren en ouderen terecht zouden komen aan de voet van het kruis.

Mag ik u en jou wat vragen? Heeft u al het leven gevonden in het vleesgeworden Woord? Kent u, ken jij dat gevoel waar de Emmaüsgangers over spraken: ‘Was ons hart niet brandende in ons, als Hij tot ons sprak op den weg, en als Hij ons de Schriften opende?’ (Luk. 24:32b).

Hoe je kunt weten of je een kind van God bent? De Bijbel geeft meerdere antwoorden op deze vraag. Vanavond noem ik er een. Ik citeer een Bijbelwoord van iemand die door Gods Geest heeft mogen meewerken aan de verspreiding van het Woord (de horizontale lijn), nadat God eerst in zijn leven had gewerkt door dat Woord (de verticale lijn). Het is een citaat van de apostel Petrus. De apostel die zijn Heiland had verloochend. De apostel die dacht dat hij alles kwijt was. De apostel die door de Heere Jezus weer werd opgezocht. De apostel die er na Pinksteren niet meer van zwijgen kon. Hij zegt het volgende over wat een christen is: ‘U dan, die gelooft, is Hij dierbaar’ (1 Pet. 2:7a). Je kan het ook zo vanuit het Grieks vertalen: U dan, die gelooft, schat Hem op waarde. Hoeveel is de Heere Jezus u, jou en mij waard? Kunt u, kan jij, kan ik nog zonder Hem? 

Laat het maar telkens ons gebed zijn: Heere, dank U wel voor het wonder van het verspreiden van het Woord. Wilt U het Woord ook in mijn hart brengen, voor het eerst, maar ook telkens weer opnieuw, zodat ik het vleesgeworden Woord, de Heere Jezus, op waarde leer schatten? Om Jezus’ wil. Amen.