Posts

Er worden posts getoond met het label Éfeze 2

Dagopening: Éfeze 2:1-10

Afbeelding
Leerlingen stellen geregeld de vraag: ‘Dat leven als christen, hoe ziet dat er nu uit, hoe gaat dat in de praktijk van alledag?’ Een terechte vraag. Misschien is dat ook wel onze vraag: ‘Heere, hoe leef ik nu tot Uw eer?!’ Als het goed is, is dat ons verlangen geworden. Om bevrijdt van de zondemacht en van onze ik-gerichtheid, tot eer van Hem te leven. [1] Lezen: Éf. 2:1-10 In de eerste drie verzen spreekt Paulus over het vorige, het oude leven, van de gelovigen in Éfeze. Ze hebben gewandeld, dat betekent geleefd, in de misdaden en de zonden (1-2). Ze waren geestelijk dood (vs. 1). Van nature kinderen des toorns (vs. 3). Aangrijpende omschrijving van een mens buiten Christus. In vers 4 lezen we van een krachtige omslag in deze droevige situatie: ‘maar God’. Deze twee woorden, ‘maar God’, waarin we lezen dat God reddend gaat handelen zijn eigenlijk het Evangelie in een notendop. ‘Maar God’. De Heere heeft in dat dode bestaan van die mensen (en van mij, van u, van de leerlingen?) ingegr...

Bostonkring, avond 4

Afbeelding
Door: G. Schulenburg & C.A.A.M. Schulenburg-Heijboer Nadat Thomas Boston in de vorige hoofdgedachte de zondigheid van de natuurstaat van de mens heeft aangetoond, gaat hij in dit hoofdstuk de ellende ervan uiteenzetten. Het is een ernstig hoofdstuk en daarom soms ook moeilijk om te lezen, maar Boston geeft aan dat hij dit beschrijft om ons uit te drijven naar Christus. ... en wij waren van nature kinderen des toorns, gelijk ook de anderen (Efeze 2:3b) De ellende van deze natuurstaat is dat het zowel een staat van toorn is als een staat van zonde. ‘Wij waren van nature kinderen des toorns’. De oorsprong van deze ellende is onze natuur. Wij hebben deze natuurstaat te danken aan onze natuur, niet aan ons stof of wezen, want die is noch was zonde, en die kan ons dus niet tot kinderen des toorns maken, hoewel die vanwege de zonde wel onder de toorn ligt. Wij hebben die ook niet te danken aan onze natuur zoals zij bij de schepping van de mens door onze Maker werd toegerust, maa...