Ambrosiuskring, avond 7
Door: J. van Dijk Zesde boek: Het zien op Jezus in Zijn dood, Hoofdstuk 1-3 Hoofdstuk 1 1. Van de dag van Christus’ lijden, in delen en uren verdeeld Christus’ levenseinde hing niet af van de wil van de mens, want hoewel velen probeerden Hem te doden, was Zijn tijd nog niet gekomen. Ambrosius behandelt de wondervolle zaken van Christus’ lijden in orde en begint met Zijn lijden in de nacht voor Zijn kruisiging. ‘Toen zeide Jezus tot hen: Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht’ (Matth. 26:31) 2. Van de beek waarover Christus is gegaan De eerste gebeurtenis van die nacht was dat Christus de beek Kidron overstak op weg naar de hof van Gethsémané: ‘Jezus dit gezegd hebbende, ging uit met Zijn discipelen over de beek Kidron, waar een hof was, in welken Hij ging en Zijn discipelen’ (Joh. 18.1). Met deze beek kan de toorn van God en het woeden van de mensen worden verstaan. Gods Woord laat menigmaal zien dat voor het water verdrukkingen mogen aangezien worden: ‘Verlos ...